Geschiedenis
In het tijdschrift Ars Aequi-special verscheen in 1979 een stuk gewijd aan de rechtshulpverlening door de advocatuur. Deze special werd later bekend als "het zwarte nummer". De conclusie van het stuk was, dat de traditionele advocatuur weinig te bieden heeft aan "de gewone man". De advocatuur richt zich immers steeds meer op diegene die voor hen economisch interessant zijn, een tendens die versterkt wordt door het steeds omvangrijkere juridische arbeidsterrein en daaruit voortvloeiende specialisaties.
Daartegenover staat de behoefte, van sociaal-economisch minder sterken, aan rechtshulp. Deze groep mensen krijgt in toenemende mate met steeds complexer wordende regelgeving te maken waaruit zij zelf vaak geen wijs kan worden. Voor deze groep mensen is een ander soort rechtshulp vereist. Een laagdrempelige rechtshulp die beoogt de sociale positie en de rechtspositie van de financieel zwakkeren te versterken en tegelijkertijd, meer concreet, daadwerkelijk juridische hulp te verlenen aan mensen in moeilijkheden.
Het begrip "leemte in de rechtshulp" werd geboren.
Sindsdien is het nodige gebeurd. In 1969 verscheen de eerste rechtswinkel in Tilburg. Na het verschijnen van "het zwarte nummer" van Ars Aequi, zouden er nog vele volgen. Deze eerste rechtswinkels waren dus een reactie op de bovengenoemde leemte. Uitgangspunt van deze rechtswinkels was en is nog steeds het opvullen hiervan.
De Haagse Wetswinkel is in 1972 door een aantal Leidse rechtenstudenten opgericht. De statutaire doelstelling is: "Het verschaffen van juridische dienstverlening en al hetgeen daarmee samenhangt, aan en ten behoeve van bewoners van Den Haag en omstreken".
In het begin van het bestaan van de Haagse Wetswinkel lag de nadruk op de individuele hulpverlening. Op verschillende plaatsen in de stad werd een spreekuur gehouden. Ook bij de overheid werd het duidelijk dat juridische hulpverlening voor de sociaal en economisch zwakkeren noodzakelijk was. Daarom is het Buro voor Rechtshulp (thans Juridisch Loket) opgericht en het Instituut Sociaal Raadslieden. Daarnaast ontstonden in de particuliere sector op de sociale praktijk gerichte advocatencollectieven. Door dit (extra) aanbod verschoof het accent van de werkzaamheden meer naar het structurele werk.
|