Door: M. van der Gaag

Wanneer u gaat samenwonen in een huurwoning is het van belang om te weten of u medehuurder bent van deze woning. Medehuurders hebben namelijk dezelfde rechten en plichten als de hoofdhuurder. Het gevolg hiervan is dat de hoofdhuurder en de medehuurder allebei aansprakelijk zijn voor de verplichtingen uit de huurovereenkomst. In sommige gevallen wordt u automatisch medehuurder en soms moet u daar nog een verzoek voor indienen.

De echtgenoot of geregistreerde partner van een hoofdhuurder wordt automatisch medehuurder. Het maakt hiervoor niet uit of de huurovereenkomst voor of na het huwelijk of geregistreerde partnerschap is gesloten. In het geval dat de huurovereenkomst ten aanzien van de hoofdhuurder eindigt, bijvoorbeeld door overlijden van de hoofdhuurder, neemt de medehuurder de plaats van de hoofdhuurder over.

Voor andere huisgenoten die niet getrouwd zijn of een geregistreerd partnerschap hebben met de hoofdhuurder, moet er een verzoek worden ingediend bij de verhuurder om medehuurder te worden. Het vereiste hiervoor is dat u samen een duurzame gemeenschappelijke huishouding heeft. Dit betekent dat een onderhuurder of een logé geen medehuurder kan worden. Nadat u het verzoek heeft ingediend, heeft de verhuurder drie maanden de tijd om in te stemmen met uw verzoek. Stemt de verhuurder binnen drie maanden niet in met het verzoek, dan kunt u een verzoek indienen bij de rechter.

De rechter zal dit verzoek in drie gevallen afwijzen:

  1. De hoofdhuurder en de huisgenoot hebben nog geen twee jaar met elkaar samengewoond.
  2. Wanneer uw verzoek het doel heeft om de huisgenoot op een snelle manier de positie van de hoofdhuurder te geven.
  3. De huisgenoot kan niet zelfstandig de huur betalen.

Een bijzonder geval zijn inwonende kinderen. Er wordt verondersteld dat kinderen na verloop van tijd uit huis gaan. Om deze reden kan er geen duurzame gemeenschappelijke huishouding worden vastgesteld en kunnen inwonende kinderen in beginsel dus geen medehuurder worden. De situatie verandert indien een volwassen kind samenwoont met zijn/haar ouder of ouders om ze te verzorgen. In dat geval zou er wel een duurzame gemeenschappelijke huishouding kunnen worden vastgesteld en heeft een verzoek een grotere kans van slagen. De vereisten voor medehuur kunnen per verhuurder verschillen en daarom kunt u altijd wel proberen om een verzoek in te dienen.

Heeft u nog vragen over uw rechten omtrent dit onderwerp? Kom vooral langs op ons inloopspreekuur. De adviseurs van de Haagse Wetswinkel helpen u graag verder!